Gezondheid

Osteo-odonto-keratoprothese

Gepubliceerd op 31 maart 2026

Bij deze uitzonderlijke chirurgische ingreep, die uitgevoerd wordt aan het CHU van Luik, wordt een tand van de blinde patiënt gebruikt om een kunsthoornvlies te omvatten. We krijgen meer uitleg over de mogelijkheden en beperkingen van prof. Bernard Duchesne, een pionier in deze discipline die in slechts 9 centra in de wereld wordt uitgeoefend. 

Om deze ingreep te kunnen uitvoeren, heeft prof. Duchesne in Rome een opleiding gevolgd bij prof. Giancarlo Falcinelli. Ondertussen staat hij aan het hoofd van de afdeling Hoornvlies en oogoppervlak van het CHU van Luik en is hij ook de arts die de oogbank beheert. Hij voert deze ingreep al 20 jaar uit, in samenwerking met de dienst voor maxillo-faciale chirurgie van het Waalse ziekenhuis.

“Het hoornvlies is het doorzichtige venstertje voor het oog. Als dat troebel of vervormd is, valt het licht niet meer binnen en kun je niet meer zien.” Gelukkig kunnen we het hoornvlies vervangen. “De eerste hoornvliestransplantatie werd uitgevoerd in 1905, dus een hele tijd voor de eerste harttransplantatie. Het hoornvlies dat getransplanteerd wordt, is afkomstig van een overleden donor. Het vervelende is dat er een risico op afstoting bestaat. Om dat te vermijden, hebben onderzoekers tal van synthetische dragers onderzocht, van goud, glas of plastic. Maar die werden telkens afgestoten.”

Wat is een osteo-odonto-keratoprothese (OOKP)?

Een keratoprothese is een kunsthoornvlies. In het geval van de OOKP is dat gebaseerd op de tand (osteo-odonto) van de patiënt. “Het idee komt van Benedetto Strampelli, een Italiaanse specialist die in de jaren 50 besloot om de tand van een patiënt te gebruiken als drager voor een prothese, omdat dit het enige harde onderdeel van het lichaam is dat niet wordt afgestoten door het epitheel. Dat komt omdat onze tanden op hun plaats gehouden worden door een parodontaal ligament waartegen het epitheel niet reageert.” De tand (meestal een hoektand) wordt geslepen in een rechthoekje van 16 op 8 mm en in het midden doorboord om plaats te maken voor het doorzichtige optische deel dat het licht doorlaat. Vervolgens wordt de prothese op het oogoppervlak geplaatst met behulp van stukjes mondslijmvlies. Deze ingreep wordt alleen op het beste van de twee ogen uitgevoerd. Er is dus slechts één tand nodig. 

De foto toont een close-up van een klein stukje tand dat in het midden van een operatieveld ligt. Het rust op een groen weefsel met een fijne structuur, typisch voor het materiaal dat in de chirurgie wordt gebruikt. In het midden van het kleine stukje tand is een kleine, stevigere ronde structuur te zien, als een klein buisje dat er iets uitsteekt. Aan elke kant van het fragment ligt een dun chirurgisch instrument dat op een pincet lijkt. De punten zijn naar de prothese gericht en suggereren een precieze en delicate manipulatie. Het geheel doet denken aan een medische scene, met grote visuele precisie weergegeven, wat de technische en precieze aard van de ingreep benadrukt.
De prothese van enkele millimeter groot, klaar om geplaatst te worden.

Een complexe procedure

Uiteraard is dit een erg zware ingreep. “Die verloopt in 3 stappen over een periode van 9 maanden en ongeveer 16 uur in de operatiekamer. Tijdens de eerste stap wordt het oog voorbereid: de lens, de iris en het voorste glasvocht worden verwijderd en het geheel wordt bedekt met mondslijmvlies van de patiënt.

In de tweede stap wordt het osteo-dentale blok van de patiënt verwijderd zodat de tand kan worden bijgeslepen en het transparante optische deel erin kan worden gestoken. Vervolgens wordt het geheel in een pouch onder het oog geplaatst, zodat de prothese omgeven wordt door weefsel van de patiënt en aan elkaar kan groeien. Daarna wordt de prothese verwijderd en geïmplanteerd op het oogoppervlak. Het resultaat is niet erg esthetisch omdat het mondslijmvlies niet op het oogoppervlak lijkt en de prothese eruitziet als een kleine zwarte confetti van enkele millimeter groot. Er bestaan sclerale lenzen, een beetje zoals contactlenzen, met een kunstiris, maar van de 22 geopereerde patiënten heeft slechts één daar gebruik van gemaakt. De anderen trekken zich niets aan van het uitzicht, ze wilden in de eerste plaats weer kunnen zien.” 

Een operatie die maar zelden wordt uitgevoerd

Niet alle patiënten met een beschadigd hoornvlies komen in aanmerking voor deze operatie. Ze is alleen geïndiceerd bij patiënten die aan beide ogen blind zijn maar van wie de oogzenuw nog werkt. “Helaas moeten we veel mensen uitsluiten. Deze ingreep is slechts geïndiceerd in bepaalde gevallen: brandwonden aan de ogen (bv. de spatten van chemische producten) waarbij een klassieke transplantatie niet kan werken (bv. door vascularisatie van het hoornvlies). De osteo-odonto-keratoprothese is ook geïndiceerd bij zeldzame aandoeningen zoals het syndroom van Lyell. Tot slot is deze transplantatie alleen mogelijk als je over een goede tand beschikt. Een goede tandhygiëne is cruciaal, want we mogen niet het risico lopen dat er een infectie optreedt. Donortanden kunnen niet gebruikt worden omdat die afgestoten worden.” 

De foto toont het resultaat na de ingreep. In het midden van de foto staat een close-up van het geopereerde oog. Je ziet dat het rozeachtige mondslijmvlies het oogwit vervangt. Er is geen iris en dus geen kleur meer, alleen een klein zwart puntje in het midden.
Dankzij deze prothese kan het oog opnieuw licht doorlaten en zien.

Een bescheiden maar reëel succes

Wereldwijd hebben ongeveer 1500 mensen deze ingreep ondergaan, van wie 22 in Luik. Momenteel worden in het CHU 2 tot 3 mensen per jaar geopereerd. “Blinde patiënten kunnen weer een gezichtsscherpte van 10/10 halen, maar met een minder breed gezichtsveld. Het hoornvlies is 12 millimeter breed en onze prothese 4, en de zone die voor het zicht bestemd is, is dus beperkter. De breedte is 50 tot 60 graden, tegenover 120 graden voor iemand die ziet.”

Helaas kunnen er ook complicaties optreden. “Ik herinner me een patiënt die opnieuw een uitstekende gezichtsscherpte had, maar die op 3 maanden tijd weer blind werd door een glaucoom dat zijn oogzenuw beschadigde. Voor de patiënt is dat zeer zwaar: hij moet kunnen aanvaarden dat hij enkele maanden of jaren later weer blind wordt. De follow-up is cruciaal, vooral om te voorkomen dat de resultaten van de ingreep teniet worden gedaan. Daarom voer ik de ingreep alleen uit bij patiënten die bij ons op controle blijven komen.” 

Dit vind je misschien ook interessant…

Terug naar boven