Jouw rechten

Perspectiefplan 2040 – Dialoogdag op 5 mei in Flanders Expo

Gepubliceerd op 18 mei 2026

Met het Perspectiefplan 2040 wil het VAPH samen met alle betrokken partners verder bouwen aan een Vlaanderen waarin inclusie de norm wordt. De Dialoogdag maakte duidelijk dat inclusie niet beperkt blijft tot één levensdomein. Het vraagt een samenleving waarin mensen volwaardig kunnen deelnemen, eigen keuzes kunnen maken en ondersteund worden waar nodig.

In de maanden voorafgaand aan de Dialoogdag werden de meningen en ideeën van personen met een handicap en hun netwerk bevraagd. De resultaten van die interacties vormen de basis voor het Perspectiefplan 2040. Het plan wordt verder uitgewerkt en zal eind 2026 worden voorgelegd aan de Vlaamse Regering.

De Dialoogdag werd daarom tegelijkertijd gezien als een eerste hoogtepunt in het proces rond het Perspectiefplan 2040 maar ook als een startpunt voor de verdere concrete uitwerking, Het plan wordt opgebouwd rond verschillende levensdomeinen. Het werk van de voorbije maanden leverde waardevolle inzichten op rond hoe wonen, onderwijs, vrije tijd, werk, mobiliteit en welzijn er in 2040 zou moeten uitzien voor personen met een handicap. De organisatoren gebruikten daarvoor de term “dromen”. Maar laten we onze ambities gerust scherper stellen: dit zouden streefdoelen moeten zijn, aangezien het hier gaat om fundamentele rechten waar personen met een handicap volgens het VN-verdrag recht op hebben.

Hoe zou een inclusief Vlaanderen er in 2040 dan moeten uitzien?

Wonen draait om keuzevrijheid. Personen met een handicap moeten zelf kunnen bepalen waar en met wie ze wonen. Keuzevrijheid moet dus centraal staan. Toegankelijke woningen, ondersteuning bij woonkeuzes en universeel ontwerp zijn daarbij essentieel. Woningen en buurten moeten flexibel kunnen inspelen op veranderende noden, zodat zelfstandig wonen levenslang mogelijk blijft.

Onderwijs vraagt inclusieve en flexibele leeromgevingen. Het vertrekpunt moet de meest kwetsbare leerling zijn, met ondersteuning in de klas en een vrije schoolkeuze dicht bij huis.

Vrije tijd moet vanzelfsprekend toegankelijk zijn. Deelname aan reguliere activiteiten gebeurt zonder extra kosten, met ondersteuning waar nodig. Een nabij en toegankelijk aanbod versterkt sociale contacten.

Werk vertrekt vanuit talenten en competenties. Iedereen moet kunnen werken op een plek waar mensen kansen krijgen om te groeien en waar voldoende flexibiliteit en ondersteuning aanwezig zijn. Een inclusieve werkcultuur waarin iedereen meetelt, blijft daarbij een belangrijke ambitie.

Mobiliteit en publieke ruimte moeten vrijheid en zelfstandigheid garanderen. Openbaar vervoer en publieke ruimte zijn toegankelijk en betaalbaar. Hindernisvrij reizen wordt de norm.

Gezondheid en welzijn plaatsen de mens centraal, niet de diagnose. Er is aandacht voor mantelzorgers en een eenvoudig, transparant ondersteuningssysteem.

Terug naar boven