Blindengeleidehond

Een blind of slechtziend persoon wordt veel zelfstandiger wanneer hij zich heeft leren verplaatsen met een mobiliteitsstok. Een blindengeleidehond kan een extra aanvulling zijn op de witte stok en kan de persoon meer zelfzekerheid geven.

De geleidehond is een vriendelijke en hartverwarmende bondgenoot, maar hij vereist ook een zekere bestaande zelfstandigheid van het baasje. Het is dus noodzakelijk over bepaalde bekwaamheden te beschikken inzake verplaatsing en oriëntatie. 

close-up van een geleidehond

Hoe een geleidehond verkrijgen?

Het verkrijgen van een geleidehond gebeurt niet automatisch. Wanneer een persoon met een visuele handicap de nood voelt om zich te verplaatsen met behulp van een geleidehond, dient hij een bepaalde procedure te doorlopen. 

Indien de aanvraag positief wordt beantwoord, zal de persoon gratis een blindengeleidehond ontvangen die door de africhters van de Brailleliga werd getraind.

Jean-Loup Nollomont: Vroeger had ik reeds honden maar dat kan niet vergeleken worden met een geleidehond. Ashka is geweldig: hij is een trouwe kameraad en een aanwezigheid die ik niet meer zou kunnen missen. Met hem voel ik een bijkomende zekerheid die mij toelaat mij over een grotere afstand te verplaatsen. Ik durf nu bijvoorbeeld het openbaar vervoer te nemen. Ashka werkt stimulerend en geeft mij de kracht om mijn niveau van zelfstandigheid verder uit te breiden.

Hoe wordt een geleidehond afgericht?

De Brailleliga laat haar honden africhten door een gespecialiseerde trainer. Deze staat in voor de keuze van de honden en het africhten zelf, dat in drie stappen gebeurt: 

  1. Gedurende de eerste maanden verloopt het africhten zoals bij elke jonge hond. De africhter zal de basisvaardigheden aanleren: zindelijkheid, algemene gehoorzaamheid en herkennen van noodzakelijke bevelen.
  2. Nadien wordt de hond specifieke technieken aangeleerd die onmisbaar zijn om een blind persoon op straat te begeleiden. Hij leert te stoppen en te zitten op de rand van de stoep, de hindernissen in de gaten te houden teneinde deze te ontwijken, enz. De hond leert ook een lijst eenvoudige woorden aan, die zijn toekomstig baasje zal moeten beheersen.

    Het africhten van de hond wordt verpersoonlijkt in functie van de omgeving en de situatie van zijn toekomstige baas (stad, platteland, enz.). Deze tweede stap vraagt een dagelijkse training gedurende verschillende maanden.

  3. De laatste stap biedt de hond de gelegenheid te wennen aan de nieuwe baas. Deze laatste neemt geleidelijk aan de plaats in van de africhter. Na een periode van gewenning, zal de blinde persoon samen met de geleidehond verplaatsingstechnieken aanleren.

Een blinde persoon die zich verplaatst met behulp van een witte stok en een blindengeleidehond.